Deze term leidt tot verwarring en wordt beter vervagen door ‘herstel van het bewustzijn’. Dit herstel verloopt geleidelijk en wordt bepaald door de manier waarop de anesthetische geneesmiddelen hun werking verliezen. De eliminatie van deze middelen hangt onder andere af van de leeftijd, het lichaamsgewicht en de werking van de medicatie op organen als lever, nieren, hart en longen. Bovendien worden niet alle geneesmiddelen die de anesthesist toedient met dezelfde snelheid geëlimineerd. De anesthesist ziet toe op de kwaliteit van het herstel van het bewustzijn. Hij zal beslissen wanneer u de operatiezaal of de ingreepzaal mag verlaten om opgenomen te worden in een eenheid voor post-anesthetische zorgen (P.A.Z.A.), ook wel de ‘ontwaakzaal’ genoemd.
Na de regionale anesthesie verloopt het herstel van de zenuwfunctie progressief; dit kan verschillende uren in beslag nemen. Op een bepaald ogenblik zal u opnieuw kunnen bewegen zonder evenwel iets te voelen. Dat u zich kan bewegen wil daarom niet zeggen dat u uw volle kracht herwonnen heeft: vooraleer te steunen op het been of de arm die geanesthesieerd werd vraagt u best het advies van een verpleegkundige. Tijdens deze herstelfase is een verder verblijf in de ontwaakzaal niet altijd vereist. De tijd die men in de ontwaakzaal doorbrengt kan zeer verschillend zijn: zelden minder dan een half uur, vaak enkele uren. Denk vooral niet dat een lang verblijf in de P.A.Z.A betekent dat er complicaties zijn: het gaat tenslotte om de veiligheid van de patiënt. In de ontwaakzaal kan het resultaat van de chirurgische ingreep bovendien het best gecontroleerd worden. Wanneer uw toestand gestabiliseerd is, wordt u naar uw kamer teruggebracht.